Paasvuren-“Vuurfeesten” met veel volk

Posted on april 9, 2012

0



Het paasweekend staat weer voor de deur… in een aantal gemeentes in het Noorden wordt er dan elk jaar materiaal ingezameld om een paasvuur te kunnen aansteken.

Paasvuren zijn ‘vuurfeesten’ met veel volk

Pasen is, in tegenstelling tot Kerstmis, een feest dat niet ‘vast’ op de kalender ligt. Iedereen praat over een vroege of late Pasen. Toch wist 50,7% van de bevolking in 1997 niet te zeggen wat de christelijke betekenis was – wat er met Pasen wordt herdacht. Beter bekend waren de oude tradities: eieren verven en eten en naar het paasvuur gaan.

Met de paasdagen trekken rookwolken over de velden en verlicht een vuurgloed of vonkenregen de landerijen. Er komen veel mensen op af, want paasvuren trekken sinds mensenheugenis altijd veel volk. Paasvuren branden voornamelijk in de oostelijke helft van Nederland, maar maken deel uit van een groter Europees paasvuurgebied. De westgrens ligt nu ongeveer van Helgoland en Schleswig-Holstein over Westeremden, Tolbert en Midwolde door de Friese Stellingwerven naar de Kop van Overijssel. Vandaar verder langs de oude Zuiderzeekust, dwars de Veluwe over naar het zuidoosten, waar nog wat paasvuren zijn bij Nijmegen en eentje in de Peel. Verder Duitsland in zijn paasvuren aan te treffen tot aan de Poolse grens en onder in Beieren. Ook in Oostenrijk bestaan paasvuren, net als op Kreta. In Texas brandt een paasvuur in een gebied waar veel Duitse landverhuizers gevestigd zijn. Eind 19de eeuw namen ze hun paasvuurtraditie mee naar de Nieuwe Wereld. Het tekent het belang, dat men hecht aan dit oude gebruik. Hoé oud weet niemand, maar vuurfeesten zijn al bekend uit de Romeinse tijd. De eigenlijke paasvuren in West-Europa zijn pas in de 16de en 17de eeuw beschreven. Toch een aardig oude culturele traditie onderhand….

Feestelijk jaarvuur

Het hoort allemaal bij de feestelijke jaarvuren. Het paasvuur geldt als lentevuur, dat de zon moest aanmoedigen en dat de vruchtbaarheid van de velden bevorderde. Waar de rook en de vuurgloed de landerijen bestreek, moest het goed gaan. Zo wordt het althans verteld. Het opstoken na de winter van oud of kapot gerei op de boerderij zal ook mooi van pas gekomen zijn. Echt opgeschreven is het niet. Het verklaart wel het oude gebruik om bij voorkeur op een hoge plek een paasvuur te bouwen. Zo kwamen veldnamen als Paasheuvel, Paasberg of ‘Osterberg’ in de wereld. Vroeger wellicht voor de boeren, nu dient dit gebruik het toerisme. Tienduizenden mensen komen er op af. De hele stad vaart er wel bij.

Hoewel de paasvuren een typisch plaatselijke traditie zijn, gemaakt door en voor de eigen bevolking, is iedereen welkom. Als er voor een paasvuur ineens entreegeld betaald moet worden (zoals op de Woolderes in 2005), keren mensen kwaad weer om. Paasvuren zijn zeer sociale aangelegenheden. Paastoeristen komen zich vergapen aan de paasvuren en omlijstende feestelijkheden, terwijl in sommige regio’s paasbultbouwers fanatiek een onderlinge competitie aangaan wie de mooiste, de hoogste of de beste ‘met hand gebouwde’ houtstapel heeft. Ondanks tegenslagen handhaven de paasvuren zich als lokale traditie, als ‘levend erfgoed’. In de 16de eeuw mocht het niet van het nieuwe geloof, in de 17de eeuw vanwege ‘drinkgelagen en uitspattingen’ en in de 20ste eeuw waren ze mikpunt van de milieuridders. Niet helemaal ten onrechte, want het gebruik was ontaard in een soort openbare vuilverbranding. Door een strakke regelgeving met een betere organisatie en voorlichting kon een absoluut verbod voorkomen worden.Paasvuren branden weer. Je herkent ze van verre aan de rookkolom en de vuurgloed.

Paasvuren branden op verschillende dagen

De Noordelijke paasvuren zijn op de avond van de Tweede paasdag. In Overijssel, Gelderland en Noord-Brabant worden ze op de Eerste paasdag ontstoken. In Duitsland branden ze op paaszaterdag.

Paasvuren zijn bij uitstek een plaatselijke aangelegenheid. Het gaat er overal anders aan toe. Er zijn kleine houtstapels van een buurtschap, maar elders bouwt men reuzenvuren. Het wereldrecord staat sinds 1987 op naam van Espelo (bij Holten). Hun ‘poasboake’ was 27 meter hoog en had een volume van 4.600 kuub hout. In Twente en de Achterhoek werken veel jeugdgroepen en plattelandsjongeren mee. Bij die paasvuren staan dus de feest- en biertenten met live-muziek, tot in de kleine uren. Minder wild is het bij paasvuren van een kerkelijk jongerenkoor of een speeltuinvereniging. In Drenthe en Groningen zijn ook jongeren actief, maar vooral (met) buurtverenigingen, Ver. Dorpsbelangen, Plaatselijk belang, Oranjecomité, feest- of paasvuurcommissie, st. Volksvermaken of st. Festiviteiten. In Duitsland zie je geregeld de lokale vrijwillige brandweer de paasvuren bouwen, branden en de asresten later opruimen. Verder zijn sportverenigingen bij de oosterburen vaker als paasvuurbouwer actief dan bij ons.

Het ontsteken van het paasvuur is een erezaak. Dat kan gebeuren door kinderen met een fakkel, door de oudste uit de buurt of door de burgemeester. Ook een pastor, de pastoor of leden van kerkeraad, parochiebestuur of een bijzondere gast vallen deze eer te beurt. Nu het beschikbaar stellen van grond voor een paasvuur – meer dan voorheen – belangrijker wordt, zie je ook dat de burgemeester samen met de grondeigenaar het paasvuur aansteken.

In bepaalde gevallen wordt het paasvuur ontstoken met een fakkel, aangestoken aan de paaskaars in de kerk. Elders gaat gewoon de gasbrander erlangs… maar een vat afgewerkte olie en rubberbanden zijn echt verleden tijd. Goede ‘poasboak’- bouwers kennen de geheimen om hun houtstapel goed te laten branden. Paasvuren worden ‘tegen tweeduuster’(twilight) aangestoken. Al eeuwenlang.