Kunst-Robert Delaunay-3

Posted on april 12, 2012

0



In het volgende fragment wordt beschreven hoe Delaunay het simultaancontrast tot zijn uitgangspunt maakt en zijn proefnemingen met zonlicht uitvoert.

De plotseling uitbarsting van kleur van Delaunay dateert van de periode waarin hij de onderzoekingen van de impressionisten naar de inwerking van het licht op de vorm verbond met die van de neo-impressionisten naar de relaties tussen kleuren. Al in een werk uit 1906 komt een kleurencirkel voor, waarvan Delaunay in 1912 verklaarde dat deze ‘de eerste praktische en theoretische toepassing was van Chevreuls kleurcontrasten’. Robert Delaunay werkte in de tussenliggende periode aan een reeks van de Saint Sévérin. Deze serie betekende voor de kunstenaar het startpunt voor een nieuwe opvatting over de werking van het licht. Vanaf dan is het licht geen statische, gekleurde reflectie over het hele voorwerp meer. Licht is een dynamisch element geworden dat de contouren verandert en de lijnen doorbreekt. Delaunay zou van dit thema zeven versies schilderen die vrij dicht bij elkaar liggen en talrijke schetsen en tekeningen maken.

Robert Delaunay, Saint Séverin nr.2, 1909

Omdat hij dicht bij de kerk woonde, ging hij er vaak heen om voorstudies te maken die hij vervolgens in zijn atelier schilderde. In de elliptische weergave van het gotische bouwwerk sneed hij het probleem aan van de gebogen lijn, van de ronding die in het vervolg een van de constanten in zijn vormentaal zou blijven. Het palet in allerlei schakeringen blauw wordt plotseling opgelicht door een andere kleur uit het spectrum. In de zon verschijnen gekleurde cirkels die zijn constructieve periode van 1912 aankondigen. Parallel aan deze serie die gewijd is aan het breken van het licht door de vensters op het inwendige gewelf van de kerk, schilderde Delaunay doeken met steden of torens als onderwerp. Het thema van de stad bestudeerde hij aan de hand van ansichtkaarten. In het begin herinnert nog veel aan Cézanne, maar steeds meer laat de stad zich beschrijven in wat Robert Delaunay de chaotische, dramatische periode van het kubisme noemt, de analytische periode.